jufmelis.nl

Nederlands is niet moeilijk, gewoon even oefenen

inloggen

zinsontleding: meewerkend voorwerp 2

In deze oefening ga je het meewerkend voorwerp leren herkennen in zinnen. Lees eerst de uitleg van het meewerkend voorwerp.

Als je met redekundig ontleden (zinsdeelbenoeming) aan de slag gaat, is de volgorde erg belangrijk.  Je gaat deze zinnen dus ook in de juiste volgorde ontleden. 

Je start met de persoonsvorm (pv, dan verdeel je de zin in zinsdelen, vervolgens zoek je het werkwoordelijk gezegde (wwg) en daarna kijk je of de zin een van de volgende zinsdelen bevat: het onderwerp, het lijdend voorwerp en het meewerkend voorwerp. 

Ontleed de volgende zinnen.

Selecteer de persoonsvorm en klik op nakijken. 

1: Olivia geeft morgen aan Arthur een mooi presentje.

2: De leerling geef ik een schop.

3: De leerling houdt van tuinieren.





Voor € 12,- per jaar kun je een jaar lang alle oefeningen maken. Bestel nu!
Inloggen
Score
0%

Volgende oefening

  • oefening naam