jufmelis.nl

Nederlands is niet moeilijk, gewoon even oefenen

inloggen

zinsontleding: voorzetselvoorwerp 5

Eerst geef je de persoonsvorm (pv) aan, daar komt dan een streepje onder te staan. Daarna klik je op de plaatsen waar een zinsdeelstreepje moet komen te staan. Vervolgens geef je het werkwoordelijk gezegde (wwg) aan, het onderwerp (ow), vervolgens het lijdend voorwerp (lv), de bijwoordelijke bepaling (bwb) en daarna het voorzetselvoorwerp (vzv).

Lees hier de uitleg van het voorzetselvoorwerp.

Let op: soms staat een bepaald zinsdeel niet in de zin.

Afgesloten oefening.

Sorry, deze oefening is alleen beschikbaar als u een geldig abonnement heeft.
Heeft u een abonnement? Log dan eerst in voordat u deze oefening gaat maken.

Voor € 12,- € 9,- per jaar kun je een jaar lang alle oefeningen maken. Bestel nu!
Inloggen

Volgende oefening

  • oefening naam