jufmelis.nl

Nederlands is niet moeilijk, gewoon even oefenen

inloggen

werkwoordspelling: pv verleden tijd door elkaar 1

In deze werkwoordspellingoefening ga je de persoonsvormen in de verleden tijd zetten. De persoonsvorm kan in het enkelvoud of in het meervoud staan. Lees eventueel nogmaals de uitleg van de persoonsvorm in de verleden tijd.

Liever moeilijkere oefeningen? Oefen dan met het splitsbaar werkwoord

Vul de werkwoordsvormen in de verleden tijd in.

1: Vorige week (zijn) ik in de stad.

2: Ik (besteden) geen aandacht aan de vele geïrriteerde mensen.

3: Alle leerlingen (zwaaien) naar die jongens.

4: Iedereen (besteden) aandacht aan ze.

5: Gelukkig (rennen) wij heel hard toen wij bijna te laat waren.

6: Sander (rennen) vorige week ook erg hard.

7: De moeder (verwennen) de kinderen te veel.

8: De kinderen (maken) heel lieve knutselwerken voor hun moeder.

9: De politie (vermoeden) dat er sprake was van een misdrijf.

10: Niemand (willen) nog met hem mee naar het spookhuis.

Voor € 12,- per jaar kun je een jaar lang alle oefeningen maken. Bestel nu!
Inloggen
Score
0%

Volgende oefening

  • oefening naam