jufmelis.nl

Nederlands is niet moeilijk, gewoon even oefenen

inloggen

extra: NT2 meervoud in zinnen 1

Schrijf de woorden (de zelfstandig naamwoorden) in het meervoud. 

1: De (paard) staan in de stal.

2: Ze reisden door verschillende (land) .

3: De (boek) moeten morgen worden gekaft.

4: Ik wil graag dat je alle (stift) in je etui opbergt.

5: Zou jij alle (stoel) willen aanschuiven?

6: Je mag je (voet) niet op de tafel leggen.

7: Doe je (arm) maar in de mouwen van je jas.

8: Alle (hoofd) waren bedekt met warme mutsen.

9: De man pakte een spel (kaart) uit zijn tas.

10: Het meisje had twee (staart) in haar haren.

Voor € 12,- € 9,- per jaar kun je een jaar lang alle oefeningen maken. Bestel nu!
Inloggen
Score
0%

Volgende oefening

  • oefening naam