jufmelis.nl

Nederlands is niet moeilijk, gewoon even oefenen

werkwoordspelling: pv vt meervoud 1

Score

0%


1: Wij (lunchen) in het park.

2: De konijnen (laten) we buiten spelen.

3: De gevangenen (verzetten) zich niet toen ze naar binnen moesten.

4: Piet, Henk en Paul (doen) de deksel weer op de put.

5: Ze studeerden wiskunde en (wonen) bij elkaar op de kamer, ze waren namelijk hartsvriendinnen.

6: Samen met Marjolein (hebben) we een inhaaltraject bedacht.

7: We (besteden) vroeger veel te weinig aandacht aan leerlingen met dyslexie, gelukkig is dat nu veranderd.

8: Alle klassen (zijn) naar het park gegaan.

9: We (vermoeden) gisteren dat de dader nog in Nederland was, vandaag denken we dat hij ook al in het buitenland zou kunnen zitten.

10: We (bloeden) beiden na die valpartij.





Uitleg over: pv verleden tijd
volgende oefening:
pv vt meervoud 2

Oefeningen:

Stam (ik-vorm)

Persoonsvorm tegenwoordige tijd

Persoonsvorm verleden tijd

Voltooid deelwoord

Persoonsvorm TT en VT

Persoonsvorm of voltooid deelwoord

Regelmatige werkwoorden

Onregelmatige werkwoorden

Wederkerende werkwoorden

werkwoorden uit het Engels

Uitleg:

Copyright © jufmelis.nl 2008-2017. Alle rechten voorbehouden.