jufmelis.nl

Nederlands is niet moeilijk, gewoon even oefenen

werkwoordspelling: persoonsvorm TT jij 2

Score

0%


Vul de juiste vorm in van de werkwoorden. Bij al deze zinnen gaat het om de jij-vorm.

1: Jij (zijn) al 3 jaar getrouwd.

2: (vieren) jij je verjaardag morgen?

3: (maken) jij je broeken zelf korter?

4: Morgen (kopen) jij een nieuwe broek in de stad.

5: Waarom (doen) jij dat?

6: (drinken) je een kopje thee met mij?

7: Jij (zien) er leuk uit!

8: Wat (bedenken) jij toch leuke dingen!

9: (leren) je altijd goed voor de testen?

10: Jij (houden) erg van pindakaas.





Uitleg over: pv tegenwoordige tijd
vorige oefening:
persoonsvorm TT jij 1
volgende oefening:
persoonsvorm TT jij 3

Oefeningen:

Stam (ik-vorm)

Persoonsvorm tegenwoordige tijd

Persoonsvorm verleden tijd

Voltooid deelwoord

Persoonsvorm TT en VT

Persoonsvorm of voltooid deelwoord

Regelmatige werkwoorden

Onregelmatige werkwoorden

Wederkerende werkwoorden

werkwoorden uit het Engels

Uitleg:

Copyright © jufmelis.nl 2008-2017. Alle rechten voorbehouden.