jufmelis.nl

Nederlands is niet moeilijk, gewoon even oefenen

werkwoordspelling: Persoonsvorm TT en VT 3

Score

0%


1: Een oude mevrouw (vallen, vt) vanmorgen van haar fiets.

2: Een jong meisje (helpen, vt) haar bij het opstaan.

3: Het aardige meisje (heten, vt) Sarah.

4: Sarah (willen, tt) later kapster worden.

5: Dat (lijken, tt) haar een geweldig beroep.

6: De oude mevrouw (bedanken, vt) Sarah uitgebreid.

7: Ze (vragen, vt) haar binnen voor een kopje thee.

8: De oude mevrouw (wonen, tt) al jaren in hetzelfde huisje.

9: Ze (hopen, tt) dat ze nooit naar een bejaardentehuis zal moeten.

10: Sarah en de mevrouw (kletsen, vt) de rest van de middag.





vorige oefening:
Persoonsvorm TT en VT 2
volgende oefening:
Persoonsvorm TT en VT 4

Oefeningen:

Stam (ik-vorm)

Persoonsvorm TT

Persoonsvorm VT

Voltooid deelwoord

Persoonsvorm TT en VT

Persoonsvorm of voltooid deelwoord

werkwoorden uit het Engels

Uitleg:

Copyright © jufmelis.nl 2008-2012. Alle rechten voorbehouden.