jufmelis.nl

Nederlands is niet moeilijk, gewoon even oefenen

inloggen

Bijwoorden: BW (adverbium)

Bijwoorden:

  • geven een plaats aan: hier, er, daar, rechts, ergens, nergens
  • geven een tijd aan: nu, soms, plotseling, 's morgens, gauw, vanavond, daarna
  • zijn woorden als: wel, toch, ook, nog, immers, niet, misschien
  • zijn vraagwoorden als: waar, wanneer, waarom, waardoor, waarmee en hoe. (Verwar het bijwoord niet met het vragend voornaamwoord)
  • kunnen iets zeggen over:
    • een werkwoord: De scooter rijdt hard.
    • een ander bijwoord: Hij heeft zijn test bijzonder slecht gemaakt.
    • een bijvoeglijk naamwoord: Er liggen erg zieke mensen in een ziekenhuis.


Let op: haal het bijwoord en het bijvoeglijk naamwoord niet door elkaar: een bijvoeglijk naamwoord zegt iets van een zelfstandig naamwoord!


Voor € 12,- per jaar kun je een jaar lang alle oefeningen maken. Bestel nu!

Volgende oefening

  • oefening naam