jufmelis.nl

Nederlands is niet moeilijk, gewoon even oefenen

Aanwijzend voornaamwoord

Aanwijzende voornaamwoorden zijn onder andere: deze, die, dit en dat.


Een aanwijzend voornaamwoord kan in plaats van het lidwoord staan voor een zelfstandig naamwoord (de leerling, die leerling). Het aanwijzend voornaamwoord verwijst naar het zelfstandig naamwoord.


Voorbeelden:

  • voor de-woorden gebruik je die of deze
    • de jongen - deze / die jongen
    • de avond - deze / die avond
  • voor het-woorden gebruik je dat of dit
    • het meisje - dit / dat meisje
    • het huis - dit / dat huis

Denk aan:

  • verkleinwoorden zijn altijd het-woorden
    • het gebakje - dat gebakje - dit gebakje
  • het meervoud krijgt altijd de
    • de opdrachten - die opdrachten - deze opdrachten

Voor de uitleg van het juiste gebruik van de en het verwijs ik je graag naar: uitleg lidwoorden.



Het alfabet

Interpunctie

Afbreken

Lidwoorden invullen

Aanwijzend voornaamwoord invullen

Wederkerende voornaamwoorden invullen

Werkwoordstijden

NT2

Uitleg:

Copyright © jufmelis.nl 2008-2017. Alle rechten voorbehouden.